Voedsel is meer dan enkel voeding

Voor veel mensen is het duidelijk dat hun voeding erg belangrijk is voor de gezondheid. De media hebben er de laatste tijd gelukkig ook meer aandacht voor dat een gezonde voeding niet  enkel kan bestaan uit wat geopende blikken, of voorbereidde voeding die opgewarmd wordt in de magnetron, of fast-food pakketten. De algemene regel is dat een gezonde voeding moet bestaan uit verse produkten, met weinig geraffineerde suikers of vetten, die liefst rijk zijn aan goede vetzuren en essentiële vetzuren, veel vitaminen en bio-actieve stoffen en dat er veel afwisseling is.

Welnu, deze regel geldt ook voor onze huisdieren.

Dieren in het wild gaan af op hun instinkt en eten enkel wat de natuur voor hen heeft voorbedacht. De huisdieren zijn echter afhankelijk van hun eigenaar en eten wat die mens voor hen heeft voorbedacht. Veel mensen staan er echter niet bij stil wat de natuurlijke behoeften van hun dier zijn en laten hun keuze enkel bepalen door de reclame. Daarom wordt er ook meestal gekozen voor de droge brokjes of blikvoeder waarvoor altijd wel een firma reclame maakt, maar waarmee nooit de kwaliteit van verse voeding of afwisseling kan gegeven worden.

De darmflora is een verzameling van miljarden bacteriën die niet alleen moet zorgen voor de vertering van het voedsel, maar ook zorgt voor de productie van vitaminen(vooral de B-vitaminen).De belangrijkste taak van de darmflora is evenwel dat zij er toe bijdraagt dat er ter hoogte van het darmslijmvlies belangrijke afweerstoffen gevormd worden. Voor de productie van deze afweerstoffen, immunoglobulines genaamd, is er een gezond darmslijmvlies nodig en daarvoor is een gezonde darmflora nodig.

De voeding zorgt zo voor de kwaliteit van de darmflora. Daarom is het belangrijk om liefst dagelijks levende voeding te verschaffen aan uw huisdier. Levende voeding zal telkens de darmflora prikkelen en ervoor zorgen dat zijn vitaliteit versterkt wordt.  Levende voeding is verse voeding die, wanneer ze iets langer aan de lucht wordt blootgesteld, snel begint te rotten. Steriele voeding is voeding die, zoals het woord laat veronderstellen, geen bacteriën bevat en door zijn bereidingswijze niet kan rotten. Brokjes of blikvoeder zullen nooit rotten, het zal enkel beschimmelen of ranzig worden.

Levende voeding zal ervoor zorgen dat de stoelgang een wisselende vorm aanneemt, maar zal er ook voor zorgen dat wanneer uw hond of kat eens iets “rottigs” van de straat opneemt, hij er niet doodziek van wordt omdat de darmflora veel sterker is.

Om te weten wat uw huisdier mag te eten krijgen, moet u weten wat dat dier in de natuur zou eten en voor welke voeding zijn/haar verteringsstelsel is gemaakt.

De hond en de kat zijn vleeseters. Dit wil zeggen dat zij een kort darmstelsel hebben waarmee zij rauw vlees kunnen verteren(de mens eet als omnivoor bijna alleen bewerkt vlees). Zij zijn in staat om erg veel essentiële voedingsstoffen uit dat vlees te halen, zoals bv. taurine. Wanneer dat vlees bewerkt wordt (bakken, stoven, grillen,etc.) dan kan hij die stoffen niet meer benutten. Daarom worden die dan ook terug bijgevoegd in de kunstvoeders, maar de kopie is nooit zo goed als het origineel.

Wilde honden en katten vangen een prooi en eten die bijna helemaal op d.w.z. het vlees, de pezen, de botten en de ingewanden met al de licht verteerde voedselresten erin. Zij verscheuren de stukken en kauwen er op. Daarom hebben zij in de natuur bijna nooit tandproblemen. Honden vangen met de groep meestal een grote prooi. Wanneer de prooi is verorberd, gaan ze voor de rest van de dag slapen om s’avonds hun volgende terrein te zoeken. Wanneer er geen prooi gevonden wordt, eten ze wat bessen of iets dergelijks. De kat vangt vele kleine prooien per dag, helemaal alleen.

Dit betekent dus dat de hond best zijn eten krijgt na een stevige inspanning. De hond is normaal het actiefst s’morgens en krijgt dan best zijn maaltijd. Een tweede maaltijd s’avonds kan omdat de hond zich aanpast aan het levensritme van de mens, maar nog meerdere maaltijden of voedsel dat de ganse dag ter beschikking staat, is absoluut uit den boze. Enkel voor jonge honden moet er nog een derde of eventueel vierde maaltijd zijn.

Katten krijgen de kans om verschillende keren in de dag kleine maaltijden te eten.

       

  • Voeding voor hond of kat
    De voeding voor uw huisdier kan dus bestaan uit de traditionele brokjes, uit blikvoeding, uit diepvriesvoeding of uit zelfbereide voeding.
  • Blikvoeder of zakjesvoeding
    Deze voeding is een voorbeeld van steriele voeding. Zij bevat meestal veel onverzadigde vetzuren. Vooral in de sauzen zijn deze veel aanwezig. De saus is meestal voor het dier het meest verleidelijke en het lekkerste, maar ook het ongezondste. Het vlees is meestal van minderwaardige kwaliteit en verhit en heeft daardoor veel van zijn voedingswaarde verloren.
    Deze vorm van voeding kan je het best vergelijken met stoofvlees en zijn saus die je aan het frietkot kan kopen. Goed voor een enkele keer, maar zeker niet voor lang. 
  • Droogvoeding
    Dit soort voeding is de laatste decennia erg populair geworden omdat het erg gemakkelijk is. Snel, proper en geconcentreerd. Deze voeding is een echte steriele voeding. Zij bewaart haar vorm en voedingswaarde lange tijd, zelfs open gesteld aan de openlucht. Deze voeding heeft steeds het nadeel dat elke natuurlijkheid van de grondstoffen is verdwenen. Het vlees wordt verhit en gedroogd en wordt verder aangevuld met bewerkte koolhydraten, dikwijls onder de vorm van maïs, bietenpulp en een hele hoop andere stoffen. Je kan stellen dat droogvoeding eigenlijk een vorm van Fastfood is. Omdat er al vrij veel koolhydraten inzitten, mag er aan het normale rantsoen van droogvoeding geen vlees of koolhydraten bijgegeven worden. Dus geen extra’s van brood, aardappelen of andere tafelresten. Enkel wat groenten kunnen. Anders treden er onevenwichten op, is er nog meer koolhydraatvertering en worden de dieren te vet. Een tweede nadeel dat mag gesteld worden aan droogvoeding, is dat deze voeding droog is. Vooral bij oudere honden(minder bij katten) kan droge voeding problemen geven met de maag. Net als bij mensen drogen de slijmvliezen wat uit bij ouderdom. Een droger maagslijmvlies heeft op die manier soms last met de vertering van droge voeding. Naargelang de bewerking van de grondstoffen en de supplementen is er een groot verschil in kwaliteit tussen de verschillende merken droogvoeding. De goede droogvoeding is zo bewerkt dat er een goede verteerbaarheid is van de voedingsstoffen zodat er geen abnormale gisting in de darmen gebeurt. Tevens zullen deze meer supplementen toevoegen van stoffen die door de verwerking eerst zijn verloren gegaan maar toch noodzakelijk zijn. Dit maakt dat goede droogvoeding steeds iets duurder is. Erg goedkope droogvoeding kan onmogelijk van goede kwaliteit zijn. Er moet steeds een prijs/kwaliteit opgemaakt worden en er zijn zeker verschillende merken die als betrouwbaar kunnen gesteld worden. Persoonlijk verkies ik de droogvoeding van HILLS. Ook Hills heeft de nadelen die eigen zijn aan droogvoeding. Maar dit merk heeft wel veel moeite gedaan om deze zo veel mogelijk op te vangen. In onze praktijk is Hills voeding verkrijgbaar. Zeker voor katten wordt het regelmatig aangeraden.

Verse voeding
De verse voeding voor de hond of de kat bestaat uit :

  • RAUW VLEES :
    — liefst taai stoofvlees waar nog pezen of vezels aanhangen.
    — Kip: liefst gekookt. Twee maal per week kip is voldoende
    — Rood vlees : moet zeker nog goed rauw zijn binnenin en mag dus ongekookt gegeven worden.
    — Orgaanvlees zoals lever of niertjes : Een keer per week.
    Liefst één maal per week wordt er eens geen vlees gegeven. Er kan ook één keer per week vis gegeven worden. Gekookt of rauw. Er wordt absoluut geen melk gegeven (tenzij kittenmelk aan kleine katjes) en geen varkensvlees.
    Aan jonge honden mag er 30-40 gram vlees per dag per kilogram gewicht gegeven worden. Eens ze volwassen zijn, wordt dat ongeveer 15 gram per kilogram. Eens ze ouder worden, mag dat verminderd worden naar 10 gram per kilogram. Katten mogen meestal ongeveer 70-80 gram vlees per dag hebben.
  • Koolhydraten
    — ongeveer 5 gram per kilogram (voor katten ongeveer 20gram)
    — gekookte rijst, gekookte spaghetti, gekookte aardappelen
    — oud grof brood
  • Groenten
    — licht gekookt
    — alle groenten zijn mogelijk, tenzij kool
    — moet ¼ van het rantsoen zijn bij jonge honden, 1/3 voor volwassen honden en ½ voor obese honden.
  • Extra's
    — magere yoghurt, botermelk voor jonge dieren
    — 1 koffielepel olijfolie of lookolie
    — rauw worteltje of appel : liever dit dan kunstmatige rotzooi
    Deze hoeveelheden zijn berekend om geen extra voeding bij te geven. Indien er aanvullend andere voeding bij gegeven wordt, dan moeten die hoeveelheden proportioneel aangepast worden. De verse voeding heeft het grote voordeel dat het een levendige voeding is die de darmflora veel beter stimuleert. Honden eten dit veel liever omdat er veel meer afwisseling in zit en vooral omdat zij als roedeldieren graag hetzelfde voedsel eten dan de rest van de groep, het gezin. De maaltijd is dan ook een belangrijk moment voor de opvoeding van de hond. Door de hond gedeeltelijk dezelfde voeding te geven als zijn baasje maar duidelijk nadat die gegeten heeft, wordt er een duidelijk signaal gegeven aan de hond dat hij onderaan in de rangorde staat en dus moet gehoorzamen aan de mensen. Een omschakeling van kunstmatige voeders vol smaakstoffen naar verse voeding verloopt meestal vrij vlot bij honden, maar geeft veel meer problemen bij de kat. In kattenvoer zitten nog veel sterkere smaakstoffen omdat katten veel kieskeuriger zijn en de ontwenning van die smaakstoffen gaat niet altijd vlot. Begin dan best met vooral vlees en spaghetti om daarna ook geleidelijk een klein beetje groenten en andere dingen bij te voegen. Verse voeding geven aan uw huisdier betekent zelf bewust nadenken over de gezondheid van uw dier. Het kost zeker niet meer geld(buiten het vlees kunnen tafelresten genomen worden) maar het kost wel iets meer moeite. De voldoening bij het dier en zijn baasje is des te groter. Het belangrijkste nadeel hier is dat op lange termijn ook deze voeding niet compleet genoeg is. Het vlees is meestal te mals en te weinig voorzien van taaie vezels en  een carnivoor heeft ook behoefte aan rauwe, al of niet gemalen, beenderen.
  • Diepvriesvoeder
    De nadelen van de verse voeding(tijd, onevenwicht) worden opgevangen door dit voedersysteem. De ideale voeding is logischerwijs die voeding die de natuurlijke voeding het meest benadert. Zoals reeds vermeld bestaat de natuurlijke voeding uit een prooi. Rauw vlees met licht gekookte koolhydraten en groenten benaderen dat het best. Indien mogelijk het vlees in grote stukken laten met pezen en botten er aan, zodat de dieren die kunnen verscheuren. Aangezien dit niet erg hygiënisch kan gebeuren en dit onze huisdieren net iets te veel wild-dieren laat blijken, is de ideale tussenoplossing voedsel dat bestaat uit grof gemalen vleesstukken met gemalen pezen en botten en ingewanden erbij. Dit kan proper gegeven worden en kan bewaard worden in de diepvries zonder de kwaliteit of levendigheid van de voeding aan te tasten. Deze formule bestaat al langer maar beantwoordde nooit aan de primaire vereiste om goede voeding te zijn : goede basisproducten. Na ontdooien moeten de onderdelen duidelijk te herkennen zijn : vlees, stukjes bot, stukjes pees, stukjes ingewanden, beetje rijst, beetje groenten. Wanneer je langdurig deze vorm van voeding geeft, neem je best een voeding die compleet wordt genoemd. Dat betekent dat er via een premix vitaminen en mineralen zijn toegevoegd. Uiteraard is het best dat deze premix van natuurlijke oorsprong is.
  • CARNIBEST voldoet aan deze vereisten. Deze Nederlandse firma zorgt voor goede kwaliteit en zorgt op die manier voor een smakelijke, natuurlijke en evenwichtige voeding. Het vlees is zelfs goedgekeurd voor menselijke consumptie en de groenten zijn afkomstig van biologische productie.
    In onze praktijk is diepvriesvlees van Carnibest steeds verkrijgbaar.
  • DE VOEDING ALS MEDICAMENT
    Als holistisch werkende dierenarts ben ik meer en meer overtuigd dat de gezondheid van onze huisdieren, net als bij ons, afhankelijk is van het energieniveau dat het individu heeft.
    Deze energie wordt bepaald door enerzijds de prenatale energie die je meekrijgt via de ouders en anderzijds de postnatale energie die het individu ontvangt. Deze postnatale energie wordt bepaald door de omgeving waarin een individu leeft en door de voeding die het inneemt.
    De prenatale energie is bepaald en daar kan je niks meer aan veranderen. Je moet ze aanvaarden zoals ze is. Maar je kan er best voorzichtig mee omgaan door zo veel mogelijk postnatale energie te verkrijgen.
    Elk dier, ook de mens, heeft een eigen natuurlijk levenspatroon. De natuur heeft dit patroon voorzien en dit patroon zorgt voor een perfect evenwicht bij het individu. Tracht dit natuurlijk patroon met zijn evenwicht zo veel mogelijk na te streven om zoveel mogelijk postnatale energie te verkrijgen.
    Dit betekent dus dat u als eigenaar verantwoordelijk bent voor de leefomstandigheden en voor de voeding van uw huisdier.
    Onze huisdieren hebben nog gewoonten van hun wilde voorouders maar zijn duidelijk reeds  aangepast aan het samenleven met de mens. Informeer u en tracht uit te zoeken welke gewoonten voor uw dier in jouw huis het best passen bij zijn patroon.
    Zijn verteringssysteem echter is nog steeds hetzelfde als datgene van zijn voorouders. Het blijft nog steeds een carnivoor met een kort darmstelsel die hetzelfde soort voedsel nodig heeft.
    Daarom is het zo belangrijk dat de voeding zo natuurlijk en zo levendig mogelijk gehouden wordt.